Wet toekomst pensioenen

Uw pensioen verandert. Klopt het verhaal achter uw bedrag?

Een nieuwe pensioenregeling kan hoop geven, maar ook vragen oproepen. Misschien valt uw verwachte pensioen lager uit dan u dacht. Of u begrijpt niet waarom u weinig of geen compensatie krijgt. Dan verdient u meer dan een algemeen antwoord: u wilt weten welke keuzes en berekeningen voor ú zijn gemaakt.

Wat verandert er bij de overgang?

De Wet toekomst pensioenen verandert de manier waarop pensioen wordt opgebouwd en uitgekeerd. Pensioenregelingen moeten uiterlijk op 1 januari 2028 zijn aangepast. Niet elke regeling verandert op dezelfde datum of op dezelfde manier. Uw pensioenuitvoerder hoort u persoonlijk te informeren over de gevolgen van de overgang.

Daarvoor ontvangt u doorgaans eerst een prognose-transitieoverzicht en na de overstap een definitief overzicht. Juist het verschil tussen die twee, en tussen uw oude en nieuwe regeling, kan vragen oproepen. De AFM beschrijft welke persoonlijke uitleg bij deze overzichten hoort.

Een lager bedrag vraagt om een verklaring

Een tegenvallende uitkomst is niet automatisch een rekenfout of een recht op schadevergoeding. Economische aannames, de financiële positie van het fonds en veranderingen in uw eigen situatie kunnen verschil maken. Maar de cijfers moeten wel navolgbaar zijn. De AFM benadrukt dat een pensioenuitvoerder persoonlijk en duidelijk moet uitleggen waarom bedragen in het definitieve overzicht hoger of lager uitvallen dan eerder werd verwacht.

Daar begint ons onderzoek: zijn dezelfde uitgangspunten vergeleken, kloppen uw persoonlijke gegevens en is de toelichting specifiek genoeg om de uitkomst te begrijpen? Lees de toelichting van de AFM over verschillen tussen prognose en definitief overzicht.

En de compensatie voor de overgang?

Voor sommige deelnemers kan de nieuwe manier van pensioen opbouwen nadelig zijn. In het transitieplan staat of en hoe daarvoor compensatie is afgesproken. Dat is geen automatisch recht voor iedereen. Als u geen compensatie krijgt, of het bedrag u te laag lijkt, is de eerste vraag welke groep en welke berekening op u van toepassing zijn. Ook veranderingen in werk of deelname kunnen relevant zijn.

De Rijksoverheid licht de overgang en compensatie toe. Binnen de Wtp spreken we over compensatie voor nadelige gevolgen van de pensioenovergang. Dat is iets anders dan de wettelijke transitievergoeding bij ontslag.

Welke stukken helpen om uw situatie te beoordelen?

  • Uw prognose-transitieoverzicht en uw definitieve transitieoverzicht, als u die al heeft ontvangen.
  • Oudere pensioenoverzichten, brieven en toelichtingen van uw pensioenuitvoerder.
  • Informatie over uw salaris, arbeidsduur, dienstverband en eventuele wijzigingen rond de overstap.
  • Het transitieplan of de informatie over compensatie van uw werkgever, fonds of verzekeraar.

Stuur bij een eerste contact alleen een korte omschrijving. We spreken daarna af welke documenten nodig zijn en hoe u die veilig kunt aanleveren.

Van onduidelijkheid naar een gerichte vraag

Shureluck vergelijkt de informatie, brengt tegenstrijdigheden in kaart en helpt de juiste vragen aan de pensioenuitvoerder te formuleren. Als er aanwijzingen zijn voor een onjuiste persoonlijke berekening of onvoldoende uitleg, bekijken we welke vervolgstap past. Zien we hetzelfde patroon in meerdere dossiers, dan kan ook een gezamenlijke aanpak worden onderzocht.

Een beoordeling is geen garantie op een hoger pensioen of aanvullende compensatie. De uitkomst hangt af van uw regeling, persoonlijke gegevens en de beschikbare stukken.

Inhoudelijk bijgewerkt: 23 september 2026. Bronnen: AFM en Rijksoverheid, via de links hierboven.